Uit het leven gegrepen. Maar wie beheert het leed dat twitter heet? (1)

29-4-2011 Qwartjes Qwartiertje

Gepubliceerd:

Voor wie het interesseert: Qwartje is verwikkeld in een existentiële vorm van rouwende wedergeboorte. Woensdag 27 april jongstleden staakte ’s werelds allerlaatste fabrikant van typemachines, Godrej and Boyce in Bombay (India), de productie. Er zijn nog tweehonderd exemplaren van Arabische belettering in voorraad. Het QWERTY-hamerklavier is op slàg een wereldwijd museumstuk geworden. De zin waarmee je alle veren van het alfabet op hun propere papierinslag kon testen - the quick brown fox jumps over the lazy dog - slaat letterlijk nergens meer op. Een icoon van de vooruitgang heeft het fatale digitale duwtje in het ravijn van de tijd gekregen. Diezelfde woensdag 27 april werd Qwartje bestookt door een twitter-dilemma. Kan het navranter?
.
Vraag hem niet naar het hoezo, maar Qwartje raakte via-via verzeild in het twitter-account van een 16-jarig Hoorns meisje. Kwetter-de-kwetter, kwààk-kwààk, vriendinnetje-zus, vriendje-zo, school, zusje, chillen bij de schouwburg, strandje, spanning voor de eerste stage-dag… Gewoon: het alledaagse getierelier van een vrij en blij rondfladderend Hoorns paradijsvogeltje. Tot ze, op woensdag 20 april, opeens twittert dat haar moeder op de grond ligt. Flauwgevallen. Wat zich daarna, in een staccato van honderden tweets, ontrolt is een hartverscheurend document van een jonge dochter die de wereld meedeelt hoe haar 40-jarige moeder uit haar leven glijdt. Ambulance… ziekenhuis Hoorn… bloedprop hersenen… reanimatie… hartslag… ziekenhuis Amsterdam… opgegeven… 21 april afscheid nemen… stekker er uit… nieuw woord: begrafenis… raar zwart jurkje… aula… vrijdag 29 april Berkhouterweg… Whitney Houston’s I will always love you…
.
En dat hele intens-schreeuwende live-verslag van een moederdood, weergegeven in een mitraille van 140 leestekens en omlijst door retweets van meelevende vriendinnen en vrienden, verschijnt zomaar in het plasma van Qwartje’s kijkscherm. De hele wereld kan, als de hele wereld dat wil, meekijken. De naam van de moeder, de laatst genomen foto van de moeder, de naam van de twitterende dochter, een foto van haar in ‘rouwjurk’: alles staat online. Wie dat hele relaas gedateerd en quote-unquote weergeeft heeft binnen tien minuten een uit het leven gegrepen novelle-noir.
.
Mag dat? Is elk twitterverhaal fit to print?
.
Qwartje vindt, na ampel zelfberaad, van niet. Hij concludeert intuïtief dat de dochter deze blikseminslag in haar leven weliswaar naar gans de wereld uitstraalde, maar dat ze het uitsluitend aan intimi heeft geadresseerd. Voorwaar: een patstelling. Er is nog geen twitterprudentie, om het zo maar te zeggen, waar naar kan worden verwezen. Nog geen generatie geleden lagen de verhoudingen simpel. Fred Emmer las via Het Journaal iets voor, de couranten schreven het over, en dat was dat. Maar plotseling zijn we met z’n allen overgeheveld naar het Cyberkarspel van een nieuwe tijd. Of men nu bij McDonalds is, in ‘de Deen’, of plotseling een broertje dood heeft aan ’n ongeval: er wordt terstond over gefeesboekt, gehaaifd, geëssemd, en/of getwitterd. Iedere wereldburger is de minstreel van z’n eigen gemoed. En Yassoenari Kawabata (WTF) in Kyoto mag dat best lezen. Why not?
.
Qwartje geeft hieronder een voorbeeld van heel, heel erg lang geleden. De Gruwel van Ursem, zich afspelend op woensdag 3 juli 1996. Woord gegeven middels een Remington-typemachine. Een verslaggeving die toen gebruikelijk was. Had het drama zich anno nu ontrold, dan was er een andere, even versnipperde als vertwitterde volksmare prijsgegeven aan een medium dat ‘De Ether’ heet. En de ether heeft geen eigenaar. De ether is van iedereen. We zijn allemaal, of we willen of niet, mee-ethers geworden.
.
Oudendijk, woensdag 3 juli 1996, 07.00 uur. In zijn huis aan de Langeweide 25 draait de 53-jarige Berend de Weerd zich nog eens op het andere oor. Hoewel hij vakantie heeft, ligt zijn ‘pratende pieper’ binnen gehoorsafstand. Berend is vrijwilliger bij de blusgroep Avenhorn-Oudendijk. Daarnaast werkt hij als centralist in de meldkamer van de regionale brandweer Westfriesland.
Ursem, woensdagmorgen 3 juli 1996, 07.03 uur. Op het oprijpad van de pas gerestaureerde boerderij van huisarts Johan van Berkel (36) aan de Walingsdijk 17 staat de volgepakte Volkswagen Passat met draaiende motor gereed. Het gezin gaat op vakantie. Achterin zitten Freek (5), Lisa (3), en Gijsje (1). Een van hun ouders brengt nog even snel de huissleutel naar de buurvrouw; zij zal voor de planten en de post zorgen. Dan draait de zwaar met kampeerspullen, speelgoed en kleding beladen auto met moeder Frouk (35) achter het stuur het opglooiende erf af en rijdt langzaam linksaf de Walingsdijk op.
.
Aan gene zijde van de smalle dijk ligt de Ursemmer Ringvaart waarop de Mijzen Polder het overtollige water spuit. Wanneer Frouk de dijk opdraait nadert vanuit Ursem een Renault Clio. De bestuurder ziet de rode Passat, en mindert vaart. Iets verder achter hem nadert de auto van elektrotechnisch ingenieur Mike Smit (26) uit Heerhugowaard. Mike is onderweg naar zijn werk in Zwaag. Zijn collega’s Coen Bruyns, Paul Komen en Kenneth Alderden komen hem een eindweegs achterop.
Zoals gebruikelijk had Frouk vlak voor ze afreisden nog even haar moeder in Naarden gebeld. “Mam, we gaan morgen daar en daar heen.” En zoals gewoonlijk had haar moeder onder andere gezegd: “Wees voorzichtig kind; jullie auto is zwaarbeladen!” Maar daar had Frouk, ondermeer door haar eerdere ontwikkelingswerk in Tanzania, wel ervaring mee.
.
Die woensdag gaat er iets mis. Frouk stuurt langs de Ringvaart in de richting van Avenhorn. De Passat ‘zit in een slinger’ en ze krijgt die er maar moeilijk uit. Ongeveer 500 meter voor het oude gemaal haalt de Renault-bestuurder de Passat in. Als hij even daarna in zijn achteruitkijkspiegel kijkt ziet hij tot zijn verbazing dat de rode Passat van de dijk is verdwenen. Hij remt af, stopt, en schakelt in z’n achteruit.
.
Oudendijk, woensdagmorgen 07.12 uur. Berend de Weerd schiet wakker van zijn jengelende pieper. Zijn collega-centralist in Hoorn roept door het ding: “Brandweer Westerkoggeland, blusgroep Avenhorn, hulpverleners en duikers Hoorn: water-ongeval Walingsdijk!” Als door vijf horzels gestoken schiet Berend in zijn broek, trekt lopend zijn overhemd aan, en duikt op zijn sokken zijn auto in. De reden waarom de blusgroep van Ursem niet werd ‘meegepiept’ kent hij al: de Ursemmer brandweerwagen is defect. Onderweg ziet hij zijn collega’s Ton ter Schure en Siem Tijmstra ook al richting Walingsdijk rijden. De piepermelding “Duikers kunnen terug; personen zijn al op de kant’ blijft uit, en vanuit zijn ooghoek ziet Berend de wagen van een plaatselijk takelbedrijf de weg opscheuren. Deze melding lijkt ernstig, zeer ernstig. Hij geeft een extra dot gas.
.
Op de plek waar de Passat is verdwenen arriveert de achteruit rijdende Renault. De man ziet de auto omgekeerd in het water liggen, en hoort hulpgeroep vanuit diezelfde ringvaart. “Een inzittende van die Volkswagen”, denkt hij, en maakt zich op om het water in te waden. De man die vanuit het water om hulp roept is evenwel Mike Smit. Die had, achteropkomend, gezien hoe de Renault zijn inhaalmanoeuvre van zijn licht slingerende voorganger uitvoerde, en hoe de Passat vervolgens zwaar door zijn vering schommelend over de dijk begon te zwabberen, de zacht-glooiende berm afreed, en in de rietkraag ‘zomaar over de kop sloeg’, zijwaarts op de linkerkant in het water plonsde, en daarin ondersteboven een drijfzwenking maakte tot de achterzijde weer richting Ursem wees.

LEES HIER DEEL 2

Tags


Alle gegevens onder voorbehoud van typefouten Hoorngids.
Standaardsite gemaakt met website software van Ziber | Webdesign Hoorn, Koersvast Communicatie